Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AD9400

Datum uitspraak2002-02-15
Datum gepubliceerd2002-02-19
RechtsgebiedBestuursrecht overig
Soort ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
Instantie naamRaad van State
Zaaknummers200200094/3
Statusgepubliceerd


Uitspraak

Raad van State 200200094/3. Datum uitspraak: 15 februari 2002 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak na vereenvoudigde behandeling (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen: de stichting "Stichting "HogeSnelheidsLogica" Hoogmade", gevestigd te Hoogmade, appellante, en burgemeester en wethouders van Jacobswoude, verweerders. 1. Procesverloop Bij besluit van 6 november 2001 hebben verweerders een bouwvergunning verleend voor de bouw van de betonconstructie voor een deel van de noordelijke toerit voor de boortunnel voor de HSL tussen de N446 en de van Klaverwijdeweg te Hoogmade. Tegen dit besluit heeft appellante bij brief van 14 december 2001, bij verweerders ingekomen op 19 december 2001, bezwaar gemaakt. Bij brief van 3 januari 2002 hebben verweerders het bezwaarschrift doorgezonden aan de Afdeling met het verzoek de behandeling daarvan over te nemen. De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige. 2. Overwegingen 2.1. Appellante is voor het door haar ingestelde beroep € 218,00 aan griffierecht verschuldigd. Een beroep wordt ingevolge artikel 8:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht niet-ontvankelijk verklaard indien storting of bijschrijving van het griffierecht niet heeft plaatsgevonden binnen vier weken na de dag van verzending van de mededeling waarin de indiener van een beroepschrift is gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. 2.2. Appellante is bij aangetekende brief van 9 januari 2002 op de verschuldigdheid van het griffierecht gewezen. Daarbij is meegedeeld dat het verschuldigde griffierecht binnen vier weken na de dag van verzending van de brief op de rekening van de Raad van State dient te zijn bijgeschreven of ter secretarie van de Raad van State dient te zijn gestort. Tevens is vermeld dat, indien van deze gelegenheid geen gebruik wordt gemaakt, er rekening mee moet worden gehouden dat het beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard. Het bedrag is niet binnen de aldus gestelde termijn op de rekening van de Raad van State bijgeschreven of ter secretarie van de Raad van State gestort. 2.3. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. 2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. 3. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State Recht doende in naam der Koningin: verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Aldus vastgesteld door mr. P. van Dijk, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. M.G.L. de Vette, ambtenaar van Staat. w.g. Van Dijk w.g. De Vette Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat Uitgesproken in het openbaar op 15 februari 2002 Tegen deze uitspraak kan verzet worden gedaan (artikel 8:55 van de Algemene wet bestuursrecht). - Verzet dient schriftelijk en binnen zes weken na verzending van deze uitspraak te worden gedaan. - In het verzetschrift moeten de redenen worden vermeld waarom de indiener het niet eens is met de gronden waarop de beslissing is gebaseerd. - Indien de indiener over het verzet door de Afdeling wenst te worden gehoord, dient dit in het verzetschrift te worden gevraagd. Het horen gebeurt dan uitsluitend over het verzet. 196. Verzonden: Voor eensluidend afschrift, de Secretaris van de Raad van State, voor deze,